Houtsnippen crashen massaal in de stad

videoHoutsnippen zijn met hun lange snavels en koddige lijfjes opvallende verschijningen in de stad. Rond deze tijd van het jaar zijn het er extreem veel: ze vliegen massaal tegen gebouwen tijdens hun trektocht naar het zuiden.

Maarten Laupman vond er dinsdag zelfs twee. De vogels lagen op de stoep van de Doelstraat, pal achter het Hofplein in Rotterdam. Eentje was al dood, de ander nog leefde nog. ,,Glazenwassers waren daar bezig met het zemen van de ramen”, vertelt hij. Laupman herkende de vogels van een paar jaar geleden. ,,Toen vloog er een houtsnip tegen mijn raam, bij mij thuis. Ik heb destijds contact opgenomen met Kees Moeliker van het Natuurhistorisch Museum.”

,,We krijgen in deze tijd wekelijks drie of vier meldingen van gestrande houtsnippen”, zegt Moeliker, de directeur van het Natuurhistorisch. ,,Vanochtend kreeg ik nog een appje van één van onze bestuursleden. Die had een dode houtsnip gezien in de Delftsestraat, parallel aan het Weena. Die houtsnip werd netjes opgepeuzeld door een kraai.” Mensen bellen het museum over houtsnippen omdat het beest opvalt. ,,Het is een prachtige vogel”, vindt ook Moeliker. ,,Net een wandelende herfsttafel.”

Houtsnippen voelen zich niet thuis in de stad. Ze leven normaal gesproken in het bos, vertelt André de Baerdemaeker, stadsecoloog en voorzitter van Vogelklas Karel Schot. In het najaar vliegen ze naar het zuiden. ,,Houtsnippen komen uit Scandinavië en het Oostblok, soms diep uit Rusland. En ze overwinteren in de Benelux, in Zuid-Engeland en Frankrijk. Het probleem is dat ze laag bij de grond vliegen, ook als ze naar het zuiden trekken. Om aanvallen van haviken en andere roofvogels te vermijden, vliegen ze ’s nachts.”

Botsen

Tijdens de lange trek in het donker belanden ze dan plotseling in de stad, met hoge gebouwen en veel licht. ,,Ze botsen heel vaak op gebouwen. Veel vogels raken gewond. Bij de Vogelklas vangen we zo’n driehonderd houtsnippen per jaar op. Ze hebben problemen met hun snavel, hun ogen en hun schouders. Het moeilijke is dat het lastige patiënten zijn, houtsnippen zijn enorm stressgevoelig. Ze kunnen een hartaanval krijgen in je handen en ze eten slecht in gevangenschap.”

Het goede nieuws is dat meer dan de helft van de houtsnippen die bij de Vogelklas bijkomen van de klap uiteindelijk weer los gaat. ,,Als mensen een gewonde houtsnip vinden, kunnen ze hem het beste in een doos zetten”, adviseert De Baerdemaeker. ,,Doe die doos wel dicht, want ze springen omhoog. Mensen kunnen de dierenambulance bellen, of de snip langsbrengen bij Karel Schot. Bij de Vogelklas kijken we hem na. Als ze in orde zijn, gaan ze dezelfde dag weer los. We laten ze aan de zuidkant van de stad weer gaan.”

Maarten Laupman deed de levende houtsnip in een doos en belde de dierenambulance, maar dat liep niet goed af. ,,Ik kreeg een keuzemenu. Aan het eind van het bandje werd me verteld dat ik de vogel naar de opvang moest brengen. Toen ik naar Karel Schot belde, zeiden ze dat ik de dierenambulance moest bellen. Dat schoot niet op. Ik heb de doos met de vogel uiteindelijk achtergelaten bij de glazenwassers.”

,,Vervelend dat het mis ging”, reageert De Baerdemaeker. ,,Normaal is dat de dierenambulance het vervoer regelt. Maar er zijn verschillende ambulances actief. Met de Dierenambulance van de Dierenbescherming hebben we in ieder geval de afspraak dat ze ook vogels ophalen, anderen rijden alleen voor honden en katten. Wij kunnen zelf de vogels echt niet ophalen. We vangen tienduizend vogels per jaar op, daar hebben we simpelweg geen tijd voor.”

Volledig scherm
Ook deze houtsnip is opgevangen in de Vogelklas. Hij hield een hersenschudding over aan de klap tegen een gebouw. © Vogelklas

In samenwerking met indebuurt Rotterdam