Volledig scherm
Motoragent Dennis tussen de duizenden kaarten die hij kreeg na zijn ongeluk. © Sanne Donders

Motoragent Dennis is blij dat hij nog leeft na bizar ongeluk

Als de Rotterdamse motoragent Dennis (37) op 1 oktober in het Botlekgebied een te zwaar beladen vrachtwagen wil controleren, ontstaat er een aanrijding. Dennis valt, de vrachtwagen rijdt over zijn arm. ,,Ik dacht echt dat ik doodging.''

Quote

Af en toe realiseer ik me dat mijn toekomst naar de kloten is

Dennis

Drieduizend kaarten, veertig bossen bloemen, een hippe koptelefoon, een weekendje weg, brieven van burgemeester Aboutaleb en minister Van der Steur en bezoek van de allerhoogste politiefunctionarissen. Agent Dennis, die niet met zijn achternaam genoemd wil worden, had na zijn ongeluk over aandacht niet te klagen. Hij werd overspoeld met beterschapswensen en cadeautjes, uit binnen- en buitenland.

,,Ik zou iedereen persoonlijk willen bedanken, maar dat lukt niet. Maar al die aandacht heeft me ontzettend geholpen bij mijn herstel. Als ik er weer eens doorheen zat, pakte ik gewoon een stapel kaarten.''

Meldkamer
Die duizenden kaarten en brieven liggen in verhuisdozen op zolder, maar één kaart heeft hij binnen handbereik. Hij is van de meldkamercentraliste die op indrukwekkende wijze beschrijft hoe Dennis' ijzingwekkende noodkreet, direct na de aanrijding, binnenkwam. ,,Dat heeft ze mooi verwoord, hè? Ik ken die collega niet, maar ik wil haar zeker nog ontmoeten.''

Niet alleen de centraliste, maar het halve korps hoort Dennis' melding op het noodkanaal. Zittend op zijn knieën, hevig bloedend, geeft hij de ernst van zijn letsel en het kenteken van de vrachtwagen door. Ook vraagt hij om de komst van een traumahelikopter. ,,Van die rechterarm wist ik meteen dat het einde verhaal was. Een behulpzame man heeft hem ter plaatse afgebonden om het bloedverlies tegen te gaan. Later bleek dat ik ook zes gebroken ribben, een klaplong en een gebroken linkerhand had.''

Spoedtransport
De zwaargewonde agent wordt met een spoedtransport naar het Erasmus Medisch Centrum gebracht, waar hij 2 dagen op de intensive care ligt. Als hij ontwaakt, maar nog niet kan praten, schrijft hij met zijn vingers een vraag in het laken van zijn bed. 'Ga ik dood'? leest zijn vrouw. ,,Pas toen ik hoorde dat ik buiten levensgevaar was, voelde ik me rustig.''

Na tweeënhalve week en vier operaties mag Dennis het ziekenhuis verlaten. Hij voelt het gemis van zijn rechterarm ieder moment van de dag. Dankzij de fantoompijn, maar ook bij ogenschijnlijk simpele handelingen. Niets is meer vanzelfsprekend. De suikerpot openen, iets in de koelkast zetten, tandenpoetsen, schrijven. Alles kost extra moeite.

Dennis revalideerde 9 weken in een kliniek van Defensie in Doorn. Zijn herstel wordt vertraagd door de wond aan zijn arm, die nog steeds niet genezen is. ,,Af en toe realiseer ik me dat mijn toekomst naar de kloten is. Ik ben een buitenmens, een verkeersagent die graag onder de mensen is. Maar op de motor zal ik niet meer zitten. Daar heb ik het af en toe best moeilijk mee. Gelukkig haal ik veel kracht uit mijn gezin. Ik ben blij dat ik nog leef en dat ik mijn kinderen van 5 en 8 kan zien opgroeien. Het had ook anders kunnen aflopen.''

Dashcam
De toedracht van het incident op de A15 bij De Punt wordt nog onderzocht. Aanvankelijk leek de vrachtwagenchauffeur uit Melissant Dennis opzettelijk te hebben aangereden, maar het Openbaar Ministerie trok de verdenking van poging tot doodslag al snel weer in. Uit beelden van een dashcam en getuigenissen zou blijken dat de chauffeur de motor niet opzettelijk aanreed. Dennis wil er niet veel over zeggen, uit angst de zaak te schaden. ,,Laat de rechter zich er maar over buigen.''

Algemeen Dagblad gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement

In samenwerking met indebuurt Rotterdam