Volledig scherm
© Foto's Sanne Donders

Roep om meer kleur in kunstsector

Het is onzin dat jongeren niet geïnteresseerd zijn in cultuur. Dat zijn ze wél, alleen niet in de officiële cultuur van musea, theaters en andere kunstinstellingen. Het moet anders, vinden jonge kunstenaars.

Het steekt jonge filmmakers, dichters, kunstenaars en theatermakers dat zij minder serieus worden genomen omdat hun kunstvorm niet serieus genomen wordt door de mensen die bepalen wie er subsidie of geld krijgt. En ze staan niet alleen. De Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) is het met ze eens. Die vindt dat het te weinig culturele instellingen lukt om publiek te bereiken dat een afspiegeling is van de Rotterdamse samenleving.

,,Ruim 50 procent van de mensen in Rotterdam is multicultureel. Dat zou in het cultuuraanbod terug moeten komen", zegt spoken-wordartiest YMP. ,,En ik zie dat totaal niet." Op dit moment voert de RRKC een onderzoek uit naar de diversiteit in de cultuursector. De uitkomsten worden dit najaar verwacht.

Quote

Het succes van Broeder­lief­de werd door de mainstream media niet gezien

Rashida Adrianus

De kloof tussen de mensen die bepalen en jongeren groeit, constateert filmmaakster Rasheida Adrianus. ,,Het succes van de groep Broederliefde op YouTube werd door de traditionele media heel lang niet gezien. Biculturele jongeren domineren de sociale media, met sketches, webseries en muziek. Dat zijn mensen die geen voet aan de grond krijgen bij mainstream media."

Culturele instellingen zeggen vaak dat ze niet weten hoe ze jongeren moeten bereiken. ,,Vraag het aan ons", zegt de Rotterdamse dans- en theatermaakster Indirah Tauwnaar. ,,Nodig ons uit en kijk wat we nodig hebben om iedereen mee te laten doen aan kunst en cultuur.''

Daarvoor is het óók nodig dat cultuurinstelling meer personeel met een niet-westerse achtergrond aanneemt, vindt Vinod Singh, van podium Bird. Deze zomer stuurden tachtig jonge kunstenaars een brandbrief naar de gemeente met het verzoek om een fonds op te richten voor jonge kunstenaars en nieuwe kunstvormen.

YMP: Wij spreken niet over diversiteit, wij zíjn diversiteit

Volledig scherm
Spoken-wordartiest YMP. © Sanne Donders

,,Rotterdam is een kansrijke stad", zegt spoken-wordartiest YMP. ,,Een stad op een kruispunt, we moeten een richting bepalen. We hebben een wit cultureel aanbod in een stad met 178 culturen. We staan op het punt om die te gaan mengen. Ruim 50 procent van de mensen in de stad is al multicultureel, dat zou in het cultuuraanbod terug moeten komen en ik zie dat totaal niet.

,,Daarom liggen er kansen. Dat het nu nog niet opschiet, komt doordat men elkaar niet kent. Men houdt vast aan oude ideeën over wat cultuur is of wat kunst is. Wij maken professionele voorstellingen met jongens en meiden van de straat. Alleen omdat ze geen opleiding hebben, wil dat niet zeggen dat het geen cultuur is.

,,Bij ons op kantoor spreken we niet over diversiteit. We zíjn diversiteit. Dat is voor ons niet meer dan normaal. Wij zien het probleem ook niet. Bij ons is het meer van 'oké: wanneer gaan de overige deuren open?' Wat daar voor nodig is? Gesprek, financiën en lef. Rotterdamse lef. We hebben instellingen nodig die ons de sleutel geven: hier jongens, ga jullie gang. Ik ben ervan overtuigd dat de meeste instellingen wel willen, je ziet dat het komt, maar er is écht meer lef nodig.

,,Het geld moet anders verdeeld worden. Als je ziet wat wij voor twee zakken chips en een cola voor elkaar krijgen en je ziet hoeveel publiek sommige gesubsidieerde instellingen krijgen... Dan ontbreekt daar ook wel eens het vuur. Bestaande instellingen zijn soms log. Een stad is net een voetbalelftal. Je hebt jonkies nodig voor de energie, maar ook oudjes voor de routine om het elftal draaiende te houden.

,,Ik ben er heilig van overtuigd dat je verandering niet kunt tegenhouden. Als je niet meegaat, blijf je achter.We wonen in een stad die gebouwd is op hard werken en ambitie. En die mentaliteit leeft nog steeds. Als die grote instellingen niet meegaan, dan gaan we ze op een zeker moment voorbij. Daar geloof ik oprecht in."

Rasheida Adrianus: Broederliefde is door Youtube groot geworden

Volledig scherm
Rasheida Adrianus. © Sanne Donders

,,Het is belangrijk dat mensen uit verschillende culturen en andere sociale klassen vertegenwoordigd zijn", zegt filmmaakster Rasheida Adrianus. ,,Anders heb je een groep die altijd aan de beurt is en een groep die buiten gesloten wordt. Het gaat erom wie de kans krijgt om iets te laten zien. Ik denk dat er verandering moet komen, niet alleen bij de kunstinstellingen, maar ook bij de beleidsmakers. Want die gaan over het geld."

,,Je oordeelt vanuit je eigen wereld, vanuit je eigen bubble. Muziek is een goed voorbeeld. Door YouTube is een groep als Broederliefde groot geworden. Ze hadden een enorm publiek, maar dat werd door de traditionele media niet gezien. Ze hebben zelf laten zien dat er enorme behoefte is aan hun muziek, behoefte aan mensen op televisie die vertegenwoordigen wie zij zijn en die komen uit gebieden waar zij vandaan komen. En het grappige is: diversiteit verkoopt. Misschien is er angst voor het onbekende? Diversiteit is best leuk als je er een project mee kunt doen, maar zodra het structureel wordt, wordt het confronterend."

,,Ik ben bezig met een serie over een groep jongeren die instagrammen. Zij hebben een manier van verhalen vertellen die helemaal niet aansluit bij wat ze in Hilversum kennen. Biculturele jongeren domineren sociale media, met muziek, met sketches, korte webseries. Dat zijn mensen die geen voet aan de grond krijgen bij mainstream media. Er is een kloof tussen Hilversum en de jongeren. Men speelt niet in op de behoeften van een maatschappij die aan het verkleuren is.

,,Ik ben niet boos en fel, ik zeg waar het op staat.Ik wilde een vertegenwoordiging van mezelf op televisie."

Vinod Singh: Dankbaar voor een kans? We horen hier gewoon

Volledig scherm
Vinod Singh. © Sanne Donders

,,Ook bij Bird hebben we nog steeds best een wit publiek", zegt Vinod Singh, medewerker van het muziekpodium Bird. ,,Want cultuur wordt door de tweede generatie immigranten nog steeds als luxe gezien. De derde generatie is anders. Die is heel erg bezig met hun plek toe-eigenen. 'We hoeven niet dankbaar te zijn als ik de kans krijg om mijn werk te tonen, want ik hoor hier gewoon'. De tweede generatie was nog blij dat ze er bij mocht horen, maar dat is voorbij.

,,Rotterdam heeft een enorme vlucht genomen, eigenlijk sinds de stad Culturele Hoofdstad was (in 2001). We kwamen in allerlei lijstjes terecht. De stad is cultureel aantrekkelijk, maar niet de hele bevolking is vertegenwoordigd. Dat is een kwalijke zaak. Veel evenementen zijn gericht op bezoekers; het gevaar bestaat dat je de echte Rotterdammer over het hoofd ziet. Het is gek dat in een stad waar meer dan de helft een niet Nederlandse achtergrond heeft die meerderheid niet vertegenwoordigd is in organisaties.

,,Nu is het aanbod vooral gericht op hoger opgeleid blank publiek. Dat moet niet stoppen, zeker niet, maar er mag ook een ander geluid zijn. In Tilburg is een groot hiphopfestival, het grootstehiphopfestival van Europa. Waarom is dat eigenlijk niet in Rotterdam, terwijl wij de hiphophoofdstad van Nederland zijn?

,,De fout die nu gemaakt wordt, is dat er heel veel naar de uitkomst wordt gekeken: we moeten iets doen voor de buitenlanders, laten we iets met eten doen, dan komen ze wel. Het is natuurlijk ook gewoon een manier van de boodschap verpakken. Graffiti komt bijvoorbeeld uit de hiphop, dat ligt heel erg dicht bij jongeren. Het is schilderkunst, maar dan niet op een doek maar op een muur, het is schilderkunst op een ander canvas."

Indirah Tauwnaar: Vraag aan óns hoe je jongeren bij cultuur betrekt

Volledig scherm
Indirah Touwnaar. © Sanne Donders

,,Ik heb het gevoel dat niet iedereen begrijpt wat we aan het doen zijn", zegt Indirah Tauwnaar van Future in Dance. ,,Terwijl we al dertien jaar bezig zijn. Wij maken op maat gemaakte theater- en dansprogramma's voor kwetsbare jongeren in Rotterdam. Tot nu toe kwamen ze bij ons terecht op auditiebasis. Nu willen we het openstellen voor iedereen die affiniteit heeft met dans of theater. Daarvoor hebben we geld nodig. En we zijn op zoek naar een locatie.

,,Wij zoeken een plek op Zuid, een gebied dat in de top tien van slechtste wijken van Nederland staat. Er wonen bijna tweehonderdduizend mensen en er is bijna niks te doen op cultureel gebied voor jongeren. De subsidieverstrekkers kijken de kat uit de boom: ze willen zien of het allemaal wel lukt. Aanvragen worden afgewezen. Ze begrijpen niet waarom we geld nodig hebben. Waarom? Omdat onze doelgroep dat niet heeft. Dit is toch waar de stad Rotterdam zegt voor te zijn, met 180 nationaliteiten. We hebben twaalf jaar lang alles uit eigen zak betaald.

,,De mensen die beslissen over subsidies en fondsen weten niet hoe ze jongeren moeten bereiken, zeggen ze. Dan denk ik: vraag het dan aan ons, in plaats van dat je altijd maar wacht op waar wij mee gaan komen om vervolgens als een advocaat van de duivel te gaan beslissen hoe jullie het zien. Nodig ons een keer uit en kijk wat we nodig hebben om alle doelgroepen te laten meedoen aan kunst en cultuur.

,,Ik denk dat het echt te maken heeft met onwetendheid en angst, veroorzaakt door mislukte projecten uit de urbanhoek of projecten die bedoeld waren voor een bepaalde doelgroep. En dat is ontzettend jammer."

In samenwerking met indebuurt Rotterdam