Volledig scherm
Maarten Struijvenberg is trots op het aantal mensen dat uit de bijstand aan het werk is gegaan. © Jan de Groen

Rotterdam haalt 'target' bijstand

Het college van b en w heeft 12.000 mensen met een bijstandsuitkering aan het werk gekregen, meldt de Rotterdamse wethouder Maarten Struijvenberg.

Met 12.000 bijstandsgerechtigden aan het werk heeft wethouder Maarten Struijvenberg (werkgelegenheid, Leefbaar Rotterdam) een belangrijke 'target' gehaald. ,,De doelstelling van ons college was om dit resultaat in vier jaar te halen. We zijn zelfs een half jaar eerder'', zegt hij vanuit zijn werkkamer in het stadhuis.

Het is vooral te danken aan de ambtenaren van de dienst Werk en Inkomen, vindt hij. ,,Onze medewerkers slagen er steeds beter in Rotterdammers vanuit de uitkering te begeleiden en te ondersteunen bij het vinden van betaald werk. Ik ben bijzonder trots. En dat in een tijd waarin de economie nog niet helemaal op peil is. Het is het bewijs dat onze aanpak werkt.''

Rotterdam geldt evenwel nog steeds als 'bijstandshoofdstad' van Nederland. Althans, van de grote steden telt Rotterdam relatief de meeste mensen met een bijstandsuitkering. Volgens de laatste cijfers 39.393 bijstandsgerechtigden. Dat zijn er zelfs meer dan in 2014: toen waren het er op 1 januari 36.695. Hoewel er sindsdien 12.000 aan een baan zijn geholpen, zijn er dus nóg meer hun baan kwijt geraakt.

Amsterdam

Toch vindt Struijvenberg dat Rotterdam het goed doet. ,,In Rotterdam steeg het aantal mensen in de bijstand vorig jaar met slechts 1,1 procent. Ter vergelijking: in Amsterdam was de stijging 2,7 procent, en dat was nog onder het landelijk gemiddelde. Daar zitten wij dus ver onder.''

De reden dat het aantal mensen in de bijstand stijgt heeft volgens hem externe oorzaken, zoals het 'oprekken' van de pensioengerechtigde leeftijd en de 'migratiecrisis' van vorig jaar. ,,Als je de cijfers bekijkt doen wij het dus relatief goed.''

'Harde kern'

Wel kampt Rotterdam nog altijd met een 'harde kern' van langdurig werklozen. Hiervan is slechts een heel klein deel vorig jaar aan een baan geholpen. En van de 12.000 gelukkigen die een baan hebben gevonden, belandt bijna 20 procent binnen afzienbare tijd weer terug in de bijstand.

Struijvenberg wijst erop dat het 'terugvalpercentage' vroeger 40 procent bedroeg. ,,We stoppen veel moeite, tijd en geld erin om mensen te begeleiden naar werk. Het gaat dan om een contract van een halfjaar. Als iemand niet kan blijven werken, is dat jammer. Maar dan is hij of zij toch een half jaar uit de bijstand geweest én heeft werkervaring opgedaan.''