Volledig scherm
© EPA

Mijn bijdrage voor de slachtoffers van de bosbranden

BlogIn Melbourne begint maandag de Australian Open. Het eerste Grand Slam-toernooi van het jaar wordt al weken overschaduwd door de effecten van de tientallen bosbranden in de wijde omgeving. Verslaggever Carl Houtkamp volgt het eerste grote tennistoernooi van 2020 de komende weken op de voet. Regelmatig maakt hij vanuit de Australische miljoenenstad een blog. 

Tramlijn 59, van Noord-Melbourne naar Flinders Street Station in hartje Melbourne, is deze woensdagochtend stampvol. De vieze rook van de bosbranden onttrekt de wolkenkrabbers van de Australische metropool net als op dinsdag nog steeds deels aan het zicht. Maar ik ontwaar bij de opeengehoopte Melburnians in de tram, als ik het goed zie, geen mondkapjes. Tot die halte, waar schuin voor me ineens een bijzonder geklede vrouw instapt. Hakken, een goed getailleerd colbertje met, zie ik het goed, een sexy decolleté en dan, jawel, een mondkapje. Niet wit, maar modieus grijs.

Quote

Ik stap naar buiten en zonder te hoeven kuchen loop ik snel naar Myer, een groot warenhuis.

Vanaf dat moment, we zijn inmiddels in het zakendistrict, stapt ineens de ene na de andere reiziger met een mondkapje in. Net als de vrouw in het colbertje met inkijk de ene na de andere duidelijk van Chinese of Japanse afkomst. Landen waar de smog nog veel meer dan hier het dagelijkse leven bepaalt. En er dus geen onduidelijkheid bestaat: die rook is gewoon gevaarlijk. Maar tegelijk zie ik door het raam weer een vrouw aan de andere kant van de weg haar reguliere hardlooprondje afleggen en zelfs iemand op een racefiets flink stampen door het centrum. Zonder mondkapje, ‘gewone’ Melburnians weer.

Zelf voel ik de noodzaak ook niet. Het ruikt raar, niet naar barbeknoei, maar een gek gekruid luchtje. Misschien wel van verbrande eucalyptus. Net voordat ik de tram wil verlaten vraagt een oud, krom vrouwtje waar ik vandaan kom. En dan: ,,The Netherlands, hebben jullie daar ook bosbranden? Nee zeker.’’ Zij is wel een echte Melburnian die zich zorgen maakt.

Ik stap naar buiten en zonder te hoeven kuchen loop ik snel naar Myer, een groot warenhuis, voor een vast ritueel: als ik in Melbourne ben, koop ik een echte Aussie hoed, voor als die onbarmhartige zon hier ooit nog eens achter de rook vandaan komt. Want die rook is tot daar aan toe, maar mijn hoofd verbranden iets anders. Dat heb ik wel al vaak genoeg gemerkt. 49,95 Australische dollar kost-ie, maar, vraagt de dame van de kassa heel beleefd, of ik nog vijf cent extra wil doneren. Voor de slachtoffers van de bosbranden. Met een fijn gevoel reken ik 50 dollar af. Ha!, ook ik heb mijn bijdrage geleverd.

Volledig scherm
© EPA