Volledig scherm
De eerste dag van de Utrechtse Bazaar, eind 2012, op de nieuwe locatie aan de Groenewoudsedijk in Papendorp. © Marnix Schmidt

De Utrechtse Bazaar dreigt failliet te gaan; politiek wil opheldering van wethouder

De Utrechtse Bazaar, op bedrijventerrein Papendorp, dreigt failliet te gaan. Dat laat directeur Laurens van der Heijden in een brandbrief aan de Utrechtse gemeenteraad weten. Uit het schrijven blijkt dat het familiebedrijf is verwikkeld in een hoogoplopende ruzie met de gemeente, waarin de directeur de gemeente verwijt op geen enkele manier te willen meewerken aan oplossingen.

Coalitiepartijen GroenLinks, D66 en de ChristenUnie hebben samen met oppositiepartijen Stadsbelang Utrecht, de Partij van de Arbeid en het CDA schriftelijke vragen ingediend bij het college van burgemeester en wethouders.

De Bazaar, die werd opgericht in 1981, zat ruim dertig jaar in de Bloemenveiling van Vleuten. Maar in 2012 moest het familiebedrijf daar gedwongen weg, omdat de veiling moest plaatsmaken voor woningbouw. De Utrechtse Bazaar huist sindsdien aan de Groenewoudsedijk in Papendorp. De overdekte markt is alleen op zaterdag en zondag open.

Huur

Volgens Van der Heijden betaalt zijn bedrijf een ‘onredelijk hoge, niet marktconforme huur’ aan de gemeente. Hij schrijft dat bovendien kort na het tekenen van de huurovereenkomst in 2012, de koopzondag werd ingevoerd en dat zijn bedrijf hier direct schade van heeft ondervonden, omdat het moet concurreren met vele andere winkels. Volgens hem heeft de Bazaar talloze voorstellen gedaan aan de gemeente om vaker open te mogen, maar weigert de gemeente tot nog toe alle medewerking.

Uit de brief blijkt verder dat het bedrijf inmiddels forse huurachterstanden heeft opgelopen. Om die reden is de gemeente een rechtszaak gestart, waarvan de uitspraak over ongeveer een maand wordt verwacht. Ook blijkt uit de brief dat er door de gemeente al beslaglegging bij derden heeft plaatsgevonden. ,,De gemeente heeft ervoor gekozen om dit te doen op een wijze om maximale schade toe te brengen aan de Utrechtse Bazaar en om haar reputatie bij haar klanten aan gort te doen helpen,’’ schrijft de directeur.

‘Vuile was’

Daarbij komt dat de gemeente volgens Van der Heijden niet een simpel verzoekschrift om het beslag te leggen heeft opgesteld, maar dit op ‘buitenproportionele wijze’ heeft gedaan door in ‘100 pagina’s alle vuile was publiek te maken’. ,,De gemeente heeft kopieën meegestuurd van een groot aantal zeer vertrouwelijke correspondentiestukken tussen de Bazaar, haar huisbaas en de wethouder, waarin ook gevoelige en uiterst vertrouwelijke en privé financiële informatie van de Bazaar en haar aandeelhouders is verwerkt.’’

Het conflict met de gemeente en de Bazaar speelt al enkele jaren. Van der Heijden schrijft dat door raadsleden gestelde vragen aan het college van burgemeester en wethouders in het geheim worden beantwoord, waardoor er ‘geen controle plaats kan vinden in hoeverre het college de gemeenteraad correct en juist informeert’.

In samenwerking met indebuurt Utrecht

Utrecht