Volledig scherm
PREMIUM
© COR DE KOCK

Een processierups voelde zich vanzelfsprekend thuis in het katholieke zuiden

Column Jerry GoossensSchrijver, journalist en columnist Jerry Goossens schrijft van dinsdag tot en met zaterdag over wat hem opvalt in de stad Utrecht. Dit keer over een toch niet zo exotisch dier: de eikenprocessierups.

Volledig scherm
© Marco de Swart

In de Voorveldsepolder, op mijn vaste hardlooproute, bleek een hele rij bomen ineens voorzien van plastic linten. In eerste instantie dacht ik dat die bedoeld waren om bomen te markeren die omgezaagd zouden worden. Maar toen ik beter keek, zag ik dat de linten voorbijgangers moesten waarschuwen tegen de eikenprocessierups. Snel bewoog ik mij naar de andere kant van het wandelpad en vroeg mij af wat er zou gebeuren als ik een rondvliegend brandhaartje van de processierups zou inademen? Gelukkig kwam er al snel een einde aan de waarschuwingslinten, waardoor ik weer opgelucht kon ademhalen.

Bij gebrek aan entomologische (insectkundige) kennis, heb ik altijd gedacht dat de processierups een exotisch dier was, dat alleen onder de rivieren voorkwam. Een beest met een Roomse naam als processierups voelde zich vanzelfsprekend het beste thuis in het katholieke zuiden, dat sprak. Ik ken hem dan ook alleen van Journaal-reportages uit Vught, Vlodrop of Vaals, waarbij ik met een half oog op de koffie en de chocoladespritsen ‘sjongejonge, nou nou, ‘t is wat’ mompelde, zonder écht op te letten.

In samenwerking met indebuurt Utrecht

Utrecht