Volledig scherm
Gedicht 'Denk aan de Dom' van Onno Kosters. © Onno Kosters

Gedicht ‘Denk aan de Dom’: in 112 regels daal je de Domtoren af

Een 112 regels tellend gedicht in de vorm van de 112 meter hoge Domtoren hangt de komende veertig jaar in het Utrechtse stadhuis. Onno Kosters schreef het bijzonder gevormde gedicht dat gisteren werd onthuld.

In 2059 moet het gedicht ‘Denk aan de Dom’ toekomstige colleges van wethouders terug laten denken aan de huidige restauratie van de Dom en hen eraan te herinneren na te denken over een volgende restauratiefase. Het idee voor het gedicht kwam nadat een motie van de gemeenteraad werd aangenomen die opriep tot een blijvende herinnering aan de restauratie. Een projectteam ging ermee aan de slag en opperde het idee van een gedicht.

Kosters is gildemeester van het Utrechtse stadsdichtersgilde en werd gevraagd om de taak op zich te nemen. ,,Ik ben toen direct een heel dik boek over de Dom gaan lezen en ben met gids Jitte Roosendaal de toren op geweest. Hij wist er echt alles over te vertellen. Dat was geweldig.”

112 regels

Het idee van een gedicht in de vorm van de Domtoren kwam bij Kosters toen al snel naar boven. ,,Dat leek me de meest passende vorm. Zeker met de Dom in de steigers momenteel. Toen ben ik begonnen met het uitwerken van het concept. Een wandeling van 112 regels van boven naar beneden. Het was een heel schrijf-, puzzel- en schuifwerk. Ik heb dat gewoon in Word gedaan hoor, trouwens. De vormgever van het projectteam is met de uiteindelijke opmaak aan de slag gegaan.”

Kosters heeft al een hoop positieve reacties gehad. Online, maar ook van de burgemeester en Student & Starter, de partij in de gemeenteraad die de herinneringsmotie ‘Denk aan de Dom’ indiende. ,,Dat is fijn, want het was een lange klus. Maar ik heb geen moment spijt gehad dat ik ermee aan de slag ben gegaan. Het was leuk om te doen en bovendien best een eer, want de komende veertig jaar hangt mijn gedicht toch maar mooi in het stadhuis.”

In samenwerking met indebuurt Utrecht

Utrecht