Het monument  bij het Spoorwegmuseum met de namen van de  weggevoerde en vermoorde Utrechtse Joden.
Volledig scherm
Het monument bij het Spoorwegmuseum met de namen van de weggevoerde en vermoorde Utrechtse Joden. © Angeliek de Jonge

Moesten Joden na de oorlog alsnog straatbelasting betalen in Utrecht? Gemeente begint onderzoek

De gemeente Utrecht laat uitzoeken of Joodse inwoners na de Tweede Wereldoorlog ten onrechte belasting hebben moeten betalen. Voor de zomer moet het onderzoek klaar zijn. Mogelijk besluit de gemeente dan tot het uitkeren van een schadevergoeding.

Het gaat om een naheffing voor de straatbelasting. Huiseigenaren moesten deze belasting betalen voor het onderhoud van de stoep voor hun woning. Sommige huizen van Joden waren ingepikt door de Duitse bezetter, terwijl de bewoners naar concentratiekampen waren afgevoerd of ondergedoken zaten. Na de bevrijding kregen de overlevenden een naheffing voor niet betaalde straatbelasting.

Amsterdam en Den Haag hebben eerder al onderzoek gedaan naar de rekeningen die teruggekeerde Joden moesten betalen. De gemeente Den Haag keerde in 2019 aan negen mensen een schadevergoeding uit, omdat zij of hun voorouders na de Tweede Wereldoorlog een naheffing voor erfpacht en straatbelasting hebben moeten betalen. Bij elkaar opgeteld ging het om 55.000 euro.

Naheffingen

In de oorlogsjaren werden ruim 1600 Joden uit Utrecht gedeporteerd door de Duitsers. Ongeveer vierhonderd van hen overleefden de verschrikkingen in de concentratiekampen. Utrecht liet in 2013 op verzoek van de  ChristenUnie onderzoeken of de gemeente teruggekeerde Joden naheffingen voor erfpacht had opgelegd. In de archieven werden hiervoor geen aanwijzing gevonden.

Zeven jaar geleden werd niet uitgesloten dat een deel van de vierhonderd Utrechtse Joden een naheffing hebben gekregen voor de straatbelasting. Vanuit de Joodse gemeenschap, de PvdA-fractie in de gemeenteraad en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten is nu een verzoek gekomen hierover duidelijkheid te scheppen. 

Het Utrechtse onderzoek wordt uitgevoerd door een zelfstandig historicus in samenwerking met het Nederlands Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies (NIOD). Vertegenwoordigers van de Joodse gemeenschap in de stad worden nauw betrokken bij de naspeuringen. 

In samenwerking met indebuurt Utrecht

Utrecht