Volledig scherm
De elf van 1973 plus hun trainer, Tilly van Rooijen links en Hennie Vernooij vierde van rechts. © AD

Tilly en Hennie, de allereerste Oranje Leeuwinnen uit 1973, voorspellen: we pakken de wereldtitel

Als de Oranje Leeuwinnen opgaan voor goud, zitten Tilly van Rooijen (64) uit Breukelen en Hennie Vernooij uit Nieuwegein aan de buis gekluisterd. Ze waren erbij toen Oranje in 1973 de allereerste interland speelde. En nu? ,,Amerika is zo verschrikkelijk goed, maar Nederland wint met penalties.‘’

Hoe kwam u daar nou zo bij om te gaan voetballen?

Tilly: ,,Ik heb twee oudere en twee jongere broers. Voetbalde altijd op straat. Ben eerst op handbal gegaan. Omdat meiden pas op hun zestiende mochten voetballen. Mijn vader heeft toen ik zo oud was meteen een team opgericht bij VV Nijenrodes, hij was bloedfanatiek. En zo is het allemaal begonnen. We hadden een prima team, met allemaal meiden uit het dorp. Werden driemaal op rij kampioen. Dan val je op, kom je in een districtsteam en uiteindelijk in Oranje.’’ 

Hennie: ,,Ik was 18. Zag een stukje in de krant dat SV Houten speelsters zocht. Toen heb ik me aangemeld. Die zondag speelden we meteen onze eerste wedstrijd, bij Sparta Loenen. Ik was reserve. Onze keepster haakte al rap geblesseerd af. Bij mij ging het wel aardig, ik had met school wel eens gekeept met handbal. Blijf jij maar staan, zeiden ze. Ik vond het wel mooi, als keep kan je je onderscheiden. Toen ik verder kwam en we verder weg gingen spelen moesten de trainers bij mij thuis komen praten. Mijn vader was faliekant tegen, hij vond voetbal helemaal niks voor meisjes. Maar ik was vergeleken met mijn zussen ook stoerder, heb meer een jongens-gen. Dus mijn keuze was logisch. IK trommelde ook in een drumband, dat doen meisjes ook niet zo snel.’’

Welke interlands staan jullie bij uit die tijd?

Tilly: ,,Die van 9 november 1973 natuurlijk. De allereerste interland. De KNVB had het lang tegen gehouden maar ging overstag. Met vijftien speelsters en een paar begeleiders vlogen we naar Engeland. Dat was een hele happening. We speelden in een echt stadion (op Elm Park van Reading, red) voor twee- drieduizend man. Te gek natuurlijk. Ik heb zeven interlands gespeeld. Er waren er maar één of twee per jaar. Ik koester ook een interland in Zwitserland. We sliepen in een jeugdherberg.  Pas op de reünie op Hemelvaartsdag hebben we ons shirt gekregen. Met naam en rugnummer, prachtig! Destijds mochten we geen shirtjes ruilen of houden. Dat was te duur. Als we de kleedkamer uit liepen, werden ze geteld.‘’

Hennie: ,,Ik was vaak reservekeeper. Ben dus maar op tien interlands gekomen. Ik herinner me vooral een tiendaags toernooi in Italië. De reis was bekostigd door een Italiaanse familie uit Utrecht. We speelden één van de wedstrijden in het Olympisch stadion van Rome. Het stond 1-1. Ik keepte, de Italianen kregen een penalty. Die ik, voor de ogen van 30.000 fans, stopte. Was-ie terecht? Geen idee, we hadden nog geen VAR. De terugreis naar het hotel was geweldig, we werden door de Italianen als helden begeleid.’’

Met wie van de huidige Leeuwinnen bent u te vergelijken?

Tilly: ,,Ik was spits. Maar speelde veel vanaf links. Was snel, had een voorzet en scoorde veel. Lieke Martens dus. Hoewel het er jammer genoeg door die teen nog niet uitkomt dit WK. Maar wie weet zondag. En ik reken op Shanice van de Sanden. Haar invalbeurt tegen Zweden verraadde al dat ze er aan zit te komen. Haar snelheid kan het verschil maken, al moet ze niet te snel gaan want ze is zo het stadion uit.‘’

Hennie: ,,Ik zie overeenkomsten met Sari van Veenendaal. Ze woont bij mij in de buurt. Ze is puur, heeft geen toeters en bellen. Dat ze dit WK keept verrast me. Ik had zelf een voorkeur voor Loes Geurts. Die heerst wat meer in het strafschopgebied, Sari is meer een lijnkeepster. Maar Sarina Wiegman heeft het goed gezien,  Sari heeft ons al een paar keer gered, op cruciale momenten. Keepers hebben hun eigens stijl. Ik had Hannie van de Bungelaar voor me. Dat was een type Piet Schrijvers, zo'n beer van de Meer. Sari heeft als grootste voordeel dat ze lengte heeft. Dat komt vaak prima van pas.‘’

Zou jullie elftal van toen een kans maken tegen de Oranje Leeuwinnen van nu?

Tilly: ,,Nou laten we daar maar niet aan beginnen, zo'n wedstrijd. Ik word al moe van de gedachte. De voetbalsport heeft zich tactisch en technisch enorm ontwikkeld. Dat  meiden en vrouwenvoetbal zo is doorgegroeid is een goede zaak. Destijds hadden we ook best aandacht hoor. We kwamen in Avro's Sportpanorama en de VI. Maar nu? Vijf miljoen kijkers, echt bizar. Zo mooi.’’

Hennie: ,,Nou nee. Alles is zo anders, Wij hadden amper begeleiding, trainden heel anders. We zouden, ook als we nog achttien waren, in zo'n duel overlopen worden. Hoewel het natuurlijk wel een kans is voor een keepster om zich te onderscheiden. Ik ben wel blij dat de vrouwen het zo goed doen. Eerst dacht ik: als ze er maar niet rap uitvliegen, dan bloedt alle aandacht dood. Maar nu hebben ze het Olympisch ticket voor Tokio al binnen, het stopt niet meer.’’

Als jullie zondag kijken is jullie appgroep van het elftal van 1973 openbaar te volgen begrijp ik. 

Tilly: ,,Ja klopt. Via de Facebookpagina van KPN. We geven commentaar op alle wedstrijden, en nu kan iedereen meelezen. Dat is heel bijzonder. Ik ben heel benieuwd. Zit sowieso nooit rustig te kijken. Donderdag heb ik na die goal van Jacky Coenen de bovenbuurman nog excuses aangeboden, zo ging ik tekeer.‘’ 

Hennie: ,,Ik ben ook heel fanatiek. Spring heel vaak op bij momenten in een duel, en zeker bij de goals hoort iedereen me luid schreeuwen.’’

Gaan we wereldkampioen worden?

Tilly: ,,Daar zaten we al over te appen natuurlijk. Amerika is erg goed, hun voetbal is een reclame voor de vrouwenvoetbalsport. Als we het eerste half uur doorkomen, maken we een kans. Ik zeg penalties, en Oranje wint.‘’

Hennie: ,,Ik zeg ook Ja. Amerika is favoriet, die zijn zo goed. In de halve finale was Nederland nog niet half zo goed als zij. Maar ook ik denk: houden we lang stand dan komen we qua vechtlust een eind. Schrijf maar op 2-1.’’

In samenwerking met indebuurt Utrecht

Utrecht