Volledig scherm
Wim Oostveen © Marnix Schmidt

Vastgoedman Wim Oostveen wil terug in Utrechtse raad

De veelbesproken vastgoedman Wim Oostveen, die in april van dit jaar opstapte als raadslid van Stadsbelang Utrecht, wil terugkeren in de gemeenteraad. Hij heeft burgemeester Jan van Zanen daartoe vandaag in een brief een verzoek gedaan.

Oostveen zag zich dit voorjaar genoodzaakt om terug te treden, vanwege geplande grondaankopen en een aanstaande hogerberoepszaak met de gemeente Utrecht over bouwgrond in Leidsche Rijn. De betrokkenheid van Oostveen bij bouwprojecten in dit stadsdeel leidde regelmatig tot discussies over zijn ‘dubbelrol’.

Hoogleraar Marcel Boogers concludeerde begin dit jaar na onderzoek in opdracht van de gemeenteraad dat Oostveen er als raadslid niet in slaagde om zijn zakelijke belangen te scheiden van zijn politieke functie. Oostveen heeft altijd ontkend dat de functies botsen en er bij hem sprake zou zijn van belangenverstrengeling.

Tijdelijk

Oostveen gaf in april aan vrijwillig, maar tijdelijk, op te stappen om afstand te kunnen doen van zijn zakelijke belangen. ,,Zover is het nu,’’ zegt Oostveen. ,,Ik stap op als aandeelhouder van mijn bedrijven. En ik bemoei me niet meer met het bouwen van woningen. Daarmee is er geen enkele belemmering meer om terug te keren in de raad.’’

De burgemeester bevestigt via zijn woordvoerder Sjoukje Volten het verzoek te hebben ontvangen. ,,Het is onderwerp van gesprek met de raadsgriffier en Stadsbelang Utrecht.’’ Oostveen gaat ervan uit dat wanneer hij niet binnen tien dagen een reactie heeft, hij weer plaats kan nemen in de raadzaal.

Of Oostveen terug kan keren, hangt voor een belangrijk deel ook af van de opstelling van Stadsbelang Utrecht. Stephan Oost, die Oostveen is opgevolgd, zou vrijwillig plaats moeten maken. Hij sluit dit niet uit. ,,Indien de omstandigheden het toelaten en de partij mij verzoekt plaats te maken voor Wim, dan doe ik dat per direct.’’

Ook fractievoorzitter Cees Bos sluit een terugkeer van Oostveen niet uit. ,,Maar we hebben er nog niet over gesproken.’’

In samenwerking met indebuurt Utrecht

Utrecht