Volledig scherm
Wetenschapper Erik Gulbranson. © University of Wisconsin

Bomen uit 260 miljoen jaar oud bos op Zuidpool verbazen wetenschappers

Op de Zuidpool zijn sporen gevonden van een bos dat er meer dan 260 miljoen jaar geleden groeide, nog voor de dinosauriërs op aarde rondliepen. Hoog in de bergen van Antarctica vonden wetenschappers de fossiele resten van dertien bomen. Bijzondere bomen, zo blijkt. Ze waren in staat om zich erg snel aan te passen bij de overgang van zomerse naar winterse omstandigheden.

Onderzoekers van de universiteit van Wisconsin deden tussen november en januari onderzoek op de bevroren hellingen van het zogeheten McIntyre-voorgebergte, diep in de binnenlanden van de Zuidpool. 

Volgens Erik Gulbranson, een van de onderzoekers, is de vondst bijzonder. De gevonden resten lijken van bomen te zijn die zich snel konden aanpassen aan de overgang van warme zomerse naar bitterkoude winterse omstandigheden. Die omschakeling deden de bomen mogelijk binnen een maand, concluderen de onderzoekers na bestudering van de groeiringen van de bomen. De 'moderne boom' heeft daar enkele maanden voor nodig. 

,,Tegenwoordig is er geen boom te vinden die dat zo snel kan", zegt Gulbranson. ,,Deze bomen konden zichzelf aan en uit zetten, net als een lichtschakelaar, en zo de winters doorkomen." 

Extreme omstandigheden

De aarde bestond 260 miljoen jaar geleden uit twee werelddelen: Gondwana in het zuiden en Laurazië in het noorden. Antarctica maakte deel uit van Gondwana, met onder meer Zuid-Amerika, Afrika, India en Australië, en was veel warmer en vochtiger dan nu. Het gebied was waarschijnlijk bedekt met mossen, varens en planten, waar vooral kleine dieren leefden.

Ondanks de temperaturen moesten de bomen extreme omstandigheden overleven. In de zomer ging de zon niet onder en was het ook midden in de nacht licht. In de winter bleef het juist donker. 

Vulkaanuitbarsting

Ongeveer 250 miljoen jaar geleden, dus zo'n 10 miljoen jaar nadat de gevonden bomen leefden, stierven vrijwel alle vroege dieren- en plantensoorten uit. Dat kwam waarschijnlijk door vulkaanuitbarstingen in Siberië. Die vulden de dampkring met giftige gassen. In de lege wereld die achterbleef kwamen langzaam de voorlopers van de dino's op.

Komende maanden gaan de onderzoekers weer op pad, op zoek naar nieuwe sporen.