Volledig scherm
PREMIUM
De drie kersverse Nederlandse wereldkampioen, vlnr: Chantal Blaak, Tom Dumoulin en Annemiek van Vleuten. © ANP

Er komen nog veel meer Wilhelmussen

En weer stonden er mannen en vrouwen in oranje shirts te zwaaien met de bloemen. Het WK wielrennen in Bergen was symptomatisch voor het hele seizoen, waarin Nederlandse renners en rensters alles winnen wat los en vast zit. Hoe komt dat eigenlijk?

Door Thijs Zonneveld
Het Wilhelmus. Het Wilhelmus. Het Wilhelmus. En nog een keer het Wilhelmus. Van je lalalalala, onverveerd, Hispanje en altijd geëeeeeeeerd - in Bergen hebben ze het Nederlandse volkslied de afgelopen week zo vaak gehoord dat ze het onderhand kunnen dromen.

Zes kampioenschappen werden er verreden in de elitecategorieën, vijf daarvan werden gewonnen door renners en rensters uit Nederland. Sunweb won de ploegentijdritten bij de mannen en de vrouwen, Annemiek van Vleuten en Tom Dumoulin werden wereldkampioen tijdrijden en afgelopen zaterdag zette Chantal Blaak de kers op de taart door de wegrit te winnen. Maar gek genoeg was de sloot Nederlandse overwinningen - op de ploegentijdrit van Sunweb na - geen verrassing. Het succes op het afgelopen WK is een weerspiegeling van het afgelopen seizoen.

Bij de vrouwen domineren de Nederlandse wielrensters zelfs al jaren. Doordat vrouwen in Nederland een betere sociale positie hebben dan in veel andere landen (en zich vaker op een topsportcarrière kúnnen richten), doordat er een generatie rensters rondfietst met buitengewoon goede genen, maar ook doordat het vrouwenwielrennen in vergelijking met andere landen relatief goed gestructureerd is.