Volledig scherm
© ANP XTRA

Zo kun je voordeel halen uit een hogere WOZ-beschikking

Rond deze tijd van het jaar valt bij huiseigenaren de WOZ-beschikking in de bus. Dat is elk jaar reden tot veel geklaag, omdat de waarde van de woning invloed heeft op de belastingaanslag. Maar het is niet per se nadelig om een huis te hebben dat meer waard wordt.

De gemiddelde WOZ-beschikking ligt dit jaar 8,3 procent hoger dan vorig jaar. Peildatum voor de beschikking die nu in de bus valt is 1 januari 2018. Vooral in steden is de WOZ-waarde van woningen omhoog geschoten. In Rotterdam met meer dan 15 procent. Dat klinkt als een flinke financiële tegenvaller voor huiseigenaren, maar dat hoeft zeker niet zo te zijn. De onroerendezaakbelasting (ozb) hoeft namelijk niet zoveel te stijgen als de WOZ en huizenbezitters kunnen bij hun hypotheekverstrekker in sommige gevallen een lager rentepercentage afdwingen als de waarde van hun woning is gestegen. 

Hoe werkt dat?

Om te beginnen is het goed om te weten hoe de waardering onroerende zaken (WOZ) wordt bepaald. Simpel gezegd is het de waarde van je huis op de markt. De gemeentes kijken wat soortgelijke huizen in de buurt hebben opgebracht bij verkoop en bepalen op die manier de waarde. Bij het WOZ Waardeloket kun je online zien wat de waarde van je woning is en ook die van de buren. Via Mijn Overheid kun je een taxatierapport opvragen. Ben je het niet eens met de inschatting, dan kun je bezwaar maken bij de gemeente. Als je goede argumenten hebt, kun je een belastingvoordeel krijgen.

Voor dat bezwaar kun je ook een bureau in de arm nemen. Voor gemeenten zijn dergelijke bureaus echter een doorn in het oog. Ze werken op no cure no pay-basis en verdienen geld aan de boete die gemeenten moeten betalen, als ze een verkeerde inschatting hebben gemaakt. ,,Dat verdienmodel klopt niet” zegt secretaris Jan Gieskes van de waarderingskamer, die de uitvoering van de wet WOZ controleert. ,,Mensen hebben alle recht op bijstand, maar de kans dat ze gelijk krijgen, is als ze zelf bezwaar maken net zo groot. Gemeentes zijn nu onnodig veel gemeenschapsgeld kwijt aan deze handelswijze.” Er komt een onderzoek naar de praktijken van deze bureaus. 

Belangrijker om te weten is dat de ozb weliswaar is gekoppeld aan de WOZ-waarde, maar de waardestijgingen of -dalingen staan daar los van. Gieskes legt uit: ,,Het ozb-tarief wordt door de gemeente bepaald, dus ook daarin zijn grote verschillen te vinden in Nederland. Het kan zijn dat het ozb-tarief gelijk blijft of zelfs wordt verlaagd. Dan betalen veel mensen in de gemeente minder aan lokale belastingen. Zeker als de WOZ-waarde van hun woning minder is gestegen dan het gemiddelde.”

Voorbeeldsom

Om het inzichtelijk te maken, een voorbeeldsom uit Rotterdam. De waarde van de gemiddelde woning is op 1 januari 2018 ten opzichte van 1 januari 2017 met 17 procent gestegen (gemiddelde WOZ in grafiek is inclusief winkels en kantoren). De gemeenteraad heeft daarom besloten het ozb-tarief voor eigenaren van woningen met 16 procent te verminderen. Stel: een woning was op 1 januari 2017 200.000 euro waard: In 2018 moest er dan 0,1154 procent van 200.000 euro worden betaald. Dat is  230,80 euro. Bij de gemiddelde waardestijging van 17 procent is de woning 234.000 euro waard geworden. Het tarief voor 2019 is 0,0969 procent van de waarde. De aanslag komt dan uit op 226,75 euro. 

Andere huiseigenaren in Rotterdam zien de WOZ misschien wel met 25 procent stijgen. Hun ozb is dan met een paar tientjes tot honderden euro’s gestegen, afhankelijk van de waarde van hun huis. Niettemin kunnen zij weer op een andere manier voordeel hebben: als de waarde van hun huis daadwerkelijk 25 procent is gestegen (na verbouwing of aanleg zonnepanelen) kunnen zij waarschijnlijk een lager rentepercentage afdwingen bij hun hypotheekverstrekker, waardoor ze weer een paar honderd euro per jaar besparen. Kleine kanttekening: ook de waterschapsbelasting en inkomensbelasting (via het eigenwoningforfait) zijn afhankelijk aan de WOZ-waarde. Huiseigenaren kunnen daar dus ook nog een nadeel van verwachten.

Onvoldoende

De waarderingskamer ziet het overigens in lang niet alle gemeentes goed gaan met de afhandeling van de wet WOZ. Zeventien gemeentes kregen zelfs een onvoldoende. ,,Maar ook dat betekent niet dat de waarde verkeerd wordt ingeschat”, aldus secretaris Jan Gieskes. ,,Als dat systematisch het geval is, mag de beschikking nog niet de deur uit namelijk. Bij de gemeenten die een onvoldoende hebben worden meestal fouten gemaakt in de procedures. Dan duurt bijvoorbeeld de afhandeling van een bezwaar te lang.”